Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
het beginsel van non-refoulement. De rechtbank stelt daartoe vast dat eiser uitdrukkelijk in de gelegenheid is gesteld om in zijn asielprocedure te verklaren over zijn gestelde problemen. Echter eiser is niet verschenen op de uitnodigingen voor een nader gehoor op 13 januari 2025 en 12 februari 2025. Eiser verhindert hiermee dat verweerder adequaat onderzoek kan doen naar mogelijke problemen van eiser bij terugkeer naar Nigeria. Dat komt voor eisers rekening en risico. Eiser heeft verder ook geen aanknopingspunten naar voren gebracht waaruit volgt dat terugkeer van eiser naar Nigeria zal leiden tot schending van het non-refoulementbeginsel. Derhalve is niet gebleken dat terugkeer van eiser naar Nigeria zal leiden tot enige onrechtmatigheid.
3a. Nederland niet op de voorgeschreven wijze is binnengekomen, dan wel een poging daartoe heeft gedaan;
3b. zich in strijd met de Vreemdelingenwetgeving gedurende enige tijd aan het toezicht op vreemdelingen heeft onttrokken;
3c. eerder een visum, besluit, kennisgeving of aanzegging heeft ontvangen waaruit de plicht Nederland te verlaten blijkt en hij daaraan niet uit eigen beweging binnen de daarin besloten of gestelde termijn gevolg heeft gegeven;
3d. niet dan wel niet voldoende meewerkt aan het vaststellen van zijn identiteit en nationaliteit;
3e. in verband met zijn aanvraag om toelating onjuiste of tegenstrijdige gegevens heeft verstrekt over zijn identiteit, nationaliteit of de reis naar Nederland of een andere lidstaat;
4a. zich niet aan een of meer andere voor hem geldende verplichtingen van hoofdstuk 4 van het Vb heeft gehouden;
4c. geen vaste woon- of verblijfplaats heeft;
4d. niet beschikt over voldoende middelen van bestaan.
Beslissing
www.rechtspraak.nl.