Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.” Verweerder heeft daarnaast gesteld dat hij op 13 november 2024 contact heeft opgenomen met de Gambiaanse ambassade in Brussel. Deze ambassade heeft volgens verweerder bevestigd dat het niet mogelijk is om via de ambassade, ook niet via de Gambiaanse ambassade in Parijs, een paspoort aan te vragen. Verder heeft verweerder verwezen naar het feit dat in eisers paspoort staat dat het is afgegeven door de autoriteiten te Banjul, Gambia.
Beslissen op amv-zaken na Afdelingsuitspraken van 8 juni 2022 (actualisering), p. 4) - niet heeft meegewerkt aan het onderzoek naar adequate opvang. Uit zijn eigen verklaringen blijkt immers dat zijn vader in Banjul (Gambia) woont, dat daar meerdere broers en zussen verblijven, en dat eiser in Nederland eenmaal telefonisch contact met zijn vader heeft gehad, waarvan het telefoonnummer in het voornemen is opgenomen. Daarnaast heeft eiser verklaard dat hij vanaf zijn achtste tot zijn vertrek in 2019 bij zijn tante in Dakar (Senegal) woonde. Twee jongere broers zouden daar nog steeds bij haar verblijven; bekend is in welke wijk zij woont, en eiser onderhoudt maandelijks telefonisch contact met haar, waarbij ook dat telefoonnummer bekend is. Deze overwegingen zijn niet door eiser betwist en blijken ook al uit het voornemen. De rechtbank volgt eiser daarom niet in zijn stelling dat hij hier niet adequaat op heeft kunnen reageren. De rechtbank acht verweerders motivering ook deugdelijk: voor de duur van eisers minderjarigheid is sprake geweest van adequate opvang. Eiser komt daarom niet in aanmerking voor een amv-buitenschuldvergunning. De in dit verband aangevoerde beroepsgrond slaagt ook niet.