Eiser heeft op 20 september 2024 een vijfde opvolgende asielaanvraag ingediend met de stelling dat hij uitsluitend de Zimbabwaanse nationaliteit bezit, ondersteund door een Zimbabwaans paspoort en rijbewijs. De minister wees de aanvraag af omdat eiser ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit bezit, zoals eerder met authentieke documenten is aangetoond.
De rechtbank overweegt dat de minister terecht uitgaat van de Zuid-Afrikaanse nationaliteit, omdat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat het Zuid-Afrikaanse paspoort frauduleus is verkregen. Eiser stelde dat hij feitelijk een andere identiteit heeft met een andere geboortedatum en geboorteplaats, maar dit betoog faalt omdat beide identiteiten met authentieke documenten zijn onderbouwd en eiser onvoldoende inspanningen heeft verricht om duidelijkheid te verkrijgen bij de Zuid-Afrikaanse autoriteiten.
De rechtbank concludeert dat eiser veilig naar Zuid-Afrika kan terugkeren en daarom niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.