Eiser, een Ethiopische Tigrinya, diende op 6 juli 2023 een asielaanvraag in die door de minister op 17 juli 2025 werd afgewezen. Hij stelde vrees voor vervolging vanwege etniciteit, politieke activiteiten, rekrutering en willekeurig geweld, en beriep zich tevens op traumabeleid.
De rechtbank oordeelde dat de minister de geloofwaardigheid van het asielrelaas voldoende had gemotiveerd, met name de ongeloofwaardigheid van de ontsnapping uit de Abu Samuel-gevangenis. De situatie voor Tigreeërs is volgens de minister verbeterd na het staakt-het-vuren van november 2022, en eiser had onvoldoende concrete persoonlijke risico's aangetoond.
De rechtbank verwierp de beroepsgronden over vrees voor vervolging, rekrutering, politieke activiteiten en willekeurig geweld. Ook het beroep op traumabeleid faalde omdat eiser het causale verband tussen de traumatische gebeurtenis en vertrek niet aannemelijk had gemaakt.
Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter M. van Harten op 26 november 2025 te Arnhem.