De eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 7 december 2023. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is verstreken en dat de minister niet binnen de door eiser gestelde termijn alsnog heeft beslist.
De rechtbank verklaart het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond en bepaalt dat de minister binnen acht weken na de uitspraak een besluit moet nemen, rekening houdend met het '8+8 wekenmodel' van de Afdeling bestuursrechtspraak. Tevens legt de rechtbank een dwangsom op van € 100,- per dag bij overschrijding, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 453,50. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.