8.3.De beroepsgrond slaagt niet.
Voldoet eiser aan het driejarenbeleid?
9. Verweerder heeft in het bestreden besluit terecht overwogen dat eiser niet op grond van het driejarenbeleid in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning. Er is geen sprake van relevant tijdsverloop. De aanvraag van eiser van 4 mei 2021 is binnen drie jaar, namelijk met het primaire besluit van 18 februari 2022, afgewezen. Sindsdien is eiser niet meer in onzekerheid over de uitkomst van de procedure. Uit het primaire besluit volgt dat eiser het besluit op zijn bezwaarschrift niet in Nederland mag afwachten. Eiser heeft daarom sinds het primaire besluit geen rechtmatig verblijf meer in de zin van artikel 8, aanhef en onder f, g of h, van de Vreemdelingenwet 2000. Dat eiser op 18 maart 2022 tegen dit besluit bezwaar heeft gemaakt en daarbij een verzoek om een voorlopige voorziening heeft ingediend, maakt niet dat hij sinds toen wel rechtmatig verblijf had. Het verzoek van eiser om een voorlopige voorziening is namelijk niet toegewezen.De periode vanaf het indienen van een verzoek tot een voorlopige voorziening geldt daarom tot op heden niet als relevant tijdsverloop voor de driejarentermijn. Ter zitting heeft eiser nog aangevoerd dat hij op grond van verblijfsstickers de gehele procedure rechtmatig verblijf heeft gehad. Eiser heeft deze stelling echter niet nader onderbouwd of uitgelegd. De beroepsgrond slaagt niet.
Heeft verweerder de hoorplicht geschonden?
10. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op wat hiervoor is overwogen, er geen sprake is van een schending van de hoorplicht. De rechtbank verwijst hierbij naar de Afdelingsuitspraak van 6 juli 2023waaruit volgt dat als een vreemdeling de vereiste stukken niet heeft overgelegd en geen verklaring heeft gegeven waarom hij daarover niet de beschikking kan krijgen, het minder in de rede ligt dat de vreemdeling wordt uitgenodigd voor een hoorzitting. Verweerder heeft in het primaire besluit aangegeven op welke punten de aanvraag onvoldoende is onderbouwd en welke stukken eiser nog moest overleggen. Nu eiser in bezwaar de gevraagde stukken niet, dan wel onvolledig, heeft overgelegd stond op voorhand vast dat het bezwaar niet tot een ander besluit kon leiden. Eiser heeft in bezwaar ook niet deugdelijk gemotiveerd over welke gevraagde stukken hij redelijkerwijs (nog) niet de beschikking kan krijgen en waarom hij geen gedegen markt- en concurrentieanalyse kon overleggen. Onder deze omstandigheden hoefde verweerder niet over te gaan tot horen om eiser nogmaals aan te sporen de benodigde stukken over te leggen. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat sprake was van een kennelijk ongegrond bezwaar en dat hij op grond van artikel 7:3, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht van horen in bezwaar kon afzien.
11. Verweerder heeft de aanvraag van eiser voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd met het doel ‘verrichten van arbeid als zelfstandige bij [naam 1] V.O.F.’ mogen afwijzen.
Beoordeling aanvraag eiseres
12. De aanvraag van eiseres was volledig afhankelijk van de aanvraag van eiser. Nu verweerder de aanvraag van eiser heeft mogen afwijzen, heeft verweerder ook de aanvraag van eiseres voor een verblijfsvergunning voor het verblijfsdoel ‘verblijf als familie- of gezinslid bij [naam 2] ’ mogen afwijzen. Dat verweerder hiervoor moest wachten totdat op het beroep van eiser was beslist heeft eiseres niet onderbouwd. Voor het beroep van eiseres op de hoorplicht verwijst de rechtbank, vanwege de verwevenheid van beide procedures, naar wat zij heeft overwogen onder 10.
13. De beroepen zijn ongegrond. Dat betekent dat verweerder de aanvragen van eisers heeft kunnen afwijzen en de bezwaren ongegrond heeft kunnen verklaren. Omdat de beroepen ongegrond zijn, krijgen eisers ook het griffierecht niet terug.
14. Nu de rechtbank beslist op de beroepen en deze ongegrond verklaart, is er geen reden meer voor het treffen van de voorlopige voorzieningen. De voorzieningenrechter wijst
daarom de verzoeken daartoe af.
15. Voor een proceskostenvergoeding bestaat in alle zaken geen aanleiding.