ECLI:NL:RBDHA:2025:23091
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ontbreken essentiële informatie
In deze zaak heeft de Rechtbank Den Haag op 4 december 2025 uitspraak gedaan over de opvolgende asielaanvraag van eiser, die door de minister van Asiel en Migratie buiten behandeling was gesteld. De rechtbank heeft de zaak behandeld in Middelburg, waar eiser aanwezig was met zijn waarnemer mr. A. El Gannour. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser geen essentiële documenten heeft overgelegd ter ondersteuning van zijn claim dat de politie in Turkije bij zijn ouderlijk huis is langs geweest. Eiser heeft verklaard dat de politie op 18 juni 2025 zijn huis heeft bezocht, maar heeft geen bewijs, zoals een arrestatiebevel, kunnen overleggen. De rechtbank heeft opgemerkt dat eiser tijdens de zitting tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd over de aanwezigheid van zijn vader en oom tijdens het politiebezoek.
De rechtbank heeft verder overwogen dat eiser in eerdere procedures ook geen bewijs heeft geleverd van het politiebezoek, ondanks dat er in die procedure documenten zijn achtergelaten. De rechtbank heeft geconcludeerd dat de opvolgende asielaanvraag niet is voorzien van de benodigde informatie, zoals vereist door de rechtspraak van de hoogste bestuursrechter in Nederland. Eiser is in de gelegenheid gesteld om zijn stelling te onderbouwen, maar heeft geen documenten overgelegd. Daarom heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard en de asielaanvraag terecht buiten behandeling gesteld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt en er is een rechtsmiddel tegen deze uitspraak mogelijk binnen één week na bekendmaking.