ECLI:NL:RBDHA:2025:3437
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000
De rechtbank Den Haag heeft op 27 februari 2025 uitspraak gedaan over het beroep van eiser tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd op 3 december 2024 op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank had deze maatregel reeds eerder getoetst bij uitspraak van 20 december 2024, waarbij de maatregel tot dat moment rechtmatig werd bevonden.
In deze procedure heeft de minister een voortgangsrapportage overgelegd waarop eiser niet heeft gereageerd. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten op 21 februari 2025 en de zaak zonder zitting behandeld. De toetsing richtte zich op de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel na 17 december 2024.
De rechtbank oordeelt dat er geen gronden zijn om het voortduren van de maatregel onrechtmatig te achten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.