ECLI:NL:RBDHA:2025:5896
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 3 december 2024 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten en beoordeelt uitsluitend de rechtmatigheid van de maatregel sinds het sluiten van het eerdere onderzoek op 21 februari 2025.
Eiser betoogde dat er geen redelijk zicht is op uitzetting naar Tunesië, mede omdat hij geen identiteitsbewijs heeft en de Tunesische autoriteiten niet meewerken aan zijn presentatie. De rechtbank oordeelt dat er wel degelijk zicht is op uitzetting, gezien de lopende aanvraag van een laissez-passer bij Tunesische autoriteiten en het feit dat enige tijd voor afgifte mag worden gegund.
De overige gronden van eiser over het voortvarend handelen van de minister en belangenafweging zijn onvoldoende onderbouwd. De rechtbank toetst ambtshalve en ziet geen reden om de maatregel van bewaring onrechtmatig te verklaren. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft gehandhaafd.