ECLI:NL:RBDHA:2025:3990
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling wegens niet tijdig beslissen
Verzoekers dienden een verzoek in tot proceskostenvergoeding nadat zij hun beroep tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag hadden ingetrokken. In een eerdere procedure had de rechtbank het beroep gegrond verklaard en de minister een beslistermijn opgelegd. Verzoekers stelden opnieuw beroep in, dat zij later introkken met het verzoek tot proceskostenvergoeding.
De rechtbank constateert dat de minister geen besluit heeft genomen na het intrekken van het beroep, zodat er geen sprake is van tegemoetkomen zoals vereist volgens artikel 8:75a Awb. Daarnaast was het beroep prematuur ingediend, waardoor het niet ontvankelijk was.
Daarom is er geen grond om de minister te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank wijst het verzoek af en sluit de procedure zonder zitting af.
Uitkomst: Verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van tegemoetkomen en prematuur beroep.