ECLI:NL:RVS:2019:1487
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek wijziging persoonsgegevens in Basisregistratie Personen
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal om wijziging van haar persoonsgegevens in de Basisregistratie Personen (BRP). Dit verzoek werd op 25 juli 2014 afgewezen en het bezwaar daarop werd op 3 november 2017 ongegrond verklaard. Na beroep wijzigde het college het besluit op 17 mei 2018 en kwam het verzoek alsnog toe. Appellante trok daarop het beroep in en verzocht om een proceskostenvergoeding, welke door de rechtbank werd afgewezen.
Appellante stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de proceskostenvergoeding had geweigerd, omdat het college al eerder had moeten overgaan tot wijziging van de gegevens. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb alleen geldt indien het bestuursorgaan een standpunt binnen het geding herroept op gronden die de onrechtmatigheid van het oorspronkelijke besluit erkennen.
Het college had in bezwaar niet kunnen vaststellen dat de opgegeven identiteit daadwerkelijk aan appellante toebehoorde, mede vanwege de aanwezigheid van twee zussen met vergelijkbare gegevens. Pas in beroep werden originele en op echtheid onderzochte identiteitsbewijzen overgelegd. De Afdeling oordeelde dat deze nieuwe informatie buiten de onderzoeksplicht van het college viel en dat er geen sprake was van een onrechtmatig besluit in bezwaar.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, waarbij ook geen proceskostenveroordeling werd toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot proceskostenvergoeding bevestigd.