ECLI:NL:RVS:2012:BX1816
Raad van State
- Hoger beroep
- D. Roemers
- K.J.M. Mortelmans
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en onthouding toestemming beveiligingswerkzaamheden na geweldsincidenten
De korpschef heeft op 28 april 2009 de toestemming van appellant sub 2 voor beveiligingswerkzaamheden ingetrokken en voor de toekomst onthouden vanwege vermoedelijke betrokkenheid bij twee geweldsincidenten in oktober 2007. Na bezwaar en beroep verleende de korpschef op 7 januari 2010 alsnog toestemming op basis van nieuwe informatie die onduidelijkheid over de rol van appellant sub 2 deed ontstaan.
De rechtbank oordeelde dat de korpschef met het besluit van 7 januari 2010 gedeeltelijk aan het beroep tegemoet was gekomen en verklaarde het eerdere besluit onrechtmatig, maar wees verzoeken tot schadevergoeding en proceskosten af wegens onvoldoende bewijs en gemaakte kosten.
De Raad van State stelde vast dat de herziening van het besluit van 7 januari 2010 niet inhield dat het eerdere besluit onrechtmatig was, omdat deze herziening was gebaseerd op nieuwe feiten die buiten de onderzoekslast van het bestuursorgaan vielen. De korpschef had op het moment van het besluit van 17 augustus 2009 redelijkerwijs kunnen aannemen dat appellant sub 2 niet betrouwbaar was vanwege de ernstige verdenkingen en verklaringen.
Daarom oordeelde de Afdeling dat de korpschef niet in strijd met de wet had gehandeld en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard, het hoger beroep van de korpschef gegrond, maar de uitspraak van de rechtbank werd met verbeterde motivering bekrachtigd. Een proceskostenveroordeling werd afgewezen.
Uitkomst: De intrekking en onthouding van de toestemming voor beveiligingswerkzaamheden aan appellant sub 2 wordt bevestigd zonder proceskostenveroordeling.