Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvragen om een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor zijn moeder en gezinshereniging voor zijn broers, op grond van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank constateert dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft overschreden zonder besluit te nemen. Eiser heeft verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep tijdig ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is.
Gezien de bijzondere omstandigheden bij asielvergunninghouders die gezinshereniging aanvragen, legt de rechtbank een langere beslistermijn op dan de standaard twee weken, namelijk acht weken na verzending van deze uitspraak, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, met een maximum van €15.000, en tot vergoeding van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442. Ook worden proceskosten van €453,50 en het griffierecht van €187 aan eiser toegekend.
De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het niet tijdig genomen besluit en legt een termijn op waarbinnen verweerder moet beslissen, met dwangsommen en proceskostenveroordeling.