Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseresV-nummer: [V-nummer],
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld en het verzoek om griffierechtvrijstelling definitief toegewezen wegens betalingsonmacht.
De aanvraag werd ingediend op 18 januari 2024 en verweerder had uiterlijk op 17 juli 2024 moeten beslissen, inclusief een verlenging van drie maanden. Omdat verweerder geen besluit heeft genomen, heeft eiseres op 26 juli 2024 een ingebrekestelling gestuurd en op 18 september 2024 het beroep ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is.
De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd bij overschrijding, met een maximum van € 15.000. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van € 1.442 en de proceskosten van € 453,50.
De uitspraak benadrukt het bijzondere karakter van nareisaanvragen bij houders van asielvergunningen en verwijst naar eerdere jurisprudentie ter onderbouwing van de redelijkheid van de opgelegde termijnen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, verweerder krijgt een termijn opgelegd voor besluitvorming en wordt veroordeeld tot betaling van dwangsommen en proceskosten.