Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres 1], eiseres 1,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent met een asielvergunning. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht toegewezen.
De aanvraag werd ingediend op 4 mei 2024, met een beslistermijn van 90 dagen die met drie maanden werd verlengd, waardoor uiterlijk 2 november 2024 een besluit had moeten zijn genomen. Dit is niet gebeurd. Verweerder is op 10 december 2024 rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep is op 22 januari 2025 tijdig ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat sprake is van een bijzonder geval bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning en legt daarom een langere beslistermijn op. Verweerder moet binnen acht weken na verzending van deze uitspraak beslissen, tenzij nader onderzoek wordt aangekondigd, dan binnen twintig weken. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eisers ad €453,50.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.