ECLI:NL:RBDHA:2025:4457
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit verlening machtiging voorlopig verblijf nareis
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf voor nareis bij een referent met een asielvergunning. De minister van Asiel en Migratie heeft niet tijdig beslist, ondanks een verlenging van de beslistermijn en een ingebrekestelling door eiser.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van uiterlijk 23 april 2024 is overschreden en dat het beroep tijdig is ingediend. Gelet op de bijzondere aard van aanvragen om gezinshereniging bij asielvergunninghouders, past de rechtbank een langere beslistermijn toe dan de standaard twee weken.
De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen de minister een besluit moet nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom opgelegd van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 bij overschrijding van deze termijn.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van eiser. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig genomen besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit vernietigd en de minister opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.