Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent met een asielvergunning. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank behandelt de zaak zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De rechtbank wijst het verzoek om vrijstelling van griffierecht definitief toe wegens betalingsonmacht. De beslistermijn van verweerder was uiterlijk 3 september 2024, maar er is geen besluit genomen. Eiser stelde verweerder rechtsgeldig in gebreke op 27 augustus 2024 en diende tijdig beroep in op 18 september 2024. Het beroep is kennelijk gegrond.
De rechtbank legt op grond van artikel 8:55d Awb een termijn van acht weken na verzending van de uitspraak op waarbinnen verweerder moet beslissen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag tot maximaal €15.000 opgelegd. Verweerder is veroordeeld tot betaling van €1.442 aan bestuurlijke dwangsommen en €453,50 aan proceskosten. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en proceskosten.