Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor eiser en hun kinderen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend, waarna de rechtbank zonder zitting uitspraak doet.
De aanvraag is ingediend op 9 november 2023 en verweerder had uiterlijk op 7 mei 2024 moeten beslissen, waarbij de beslistermijn met drie maanden was verlengd. Deze termijn is verstreken zonder besluit. Eiser heeft verweerder op 16 oktober 2024 rechtsgeldig in gebreke gesteld en op 6 november 2024 het beroep ingesteld, wat tijdig is.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en legt op grond van de bijzondere omstandigheden rondom gezinshereniging bij asielvergunninghouders een langere beslistermijn op. Verweerder moet binnen acht weken na verzending van de uitspraak beslissen, tenzij nader onderzoek wordt aangekondigd, dan geldt twintig weken. Daarnaast wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €15.000. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442, proceskosten van €453,50 en vergoeding van het griffierecht van €187.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en vergoeding van kosten.