Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
14 december 2021te ’s-Gravenhage en Voorburg en elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen,
endoor dreiging met geweld door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht
endoor misbruik van een kwetsbare positie,
engehuisvest, met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer 1] ,
14 december 2021te 's- Gravenhage
engehuisvest, met het oogmerk van
verlatenen
geslachtsdeelen/of zijn ballen diep en met kracht in haar mond en/of keel geduwd en gehouden en
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van [verdachte]
6.De strafoplegging
trekkennaar voren, zoals prikkelbaarheid, roekeloosheid, weinig empathie naar anderen, een levensstijl met weinig verantwoordelijkheid en een lacunaire gewetensfunctie. Deze trekken komen met name tot uiting als hij “in gebruik is”. Een antisociale persoonlijkheids
stoorniskan volgens de psycholoog op basis van de beschikbare informatie niet worden vastgesteld. [verdachte] functioneert als hij abstinent van middelen is, redelijk goed. Ondanks eerder toezicht, een ISD-traject en klinische behandeltrajecten die door [verdachte] werden afgebroken, is het hem niet gelukt om van zijn middelengebruik af te komen. Beide deskundigen zijn het erover eens dat voor [verdachte] een duidelijke behandelindicatie ten aanzien van de stoornissen in middelengebruik bestaat en ook [verdachte] zegt daarvoor gemotiveerd te zijn, maar dan zou de aanpak en nazorg daarbij wel rigoureuzer moeten zijn dan bij eerdere behandelingen. Gelet op de ontkennende houding van [verdachte] ten aanzien van de ten laste gelegde feiten, kunnen de deskundigen geen gedegen risico-inschatting maken. Evenmin kunnen ze een advies over de mate van toerekenen geven. Voor een advies om [verdachte] de hem ten laste gelegde feiten
niettoe te rekenen, worden geen aanwijzingen gezien. Een verdere gedragsdeskundige precisiering kan op basis van het onderzoek niet worden gegeven. Ondanks de hiervoor genoemde behandelindicatie zien de deskundigen op basis van het onderzoek onvoldoende grond om vanuit gedragsdeskundig oogpunt behandeling in een strafrechtelijk kader te adviseren.
7.De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel
8.De in beslag genomen voorwerpen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
10 (tien) JAREN;
de maatregel tot gedragsbeïnvloeding of vrijheidsbeperking als