ECLI:NL:RBDHA:2025:8105
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Emaus – Visschers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft tijdens de zitting op 16 april 2025 de argumenten van eiser en de minister gehoord. Eiser stelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Frankrijk nog steeds geldt, mede vanwege het risico dat hij als jongmeerderjarige man met een uitzettingsbevel in Frankrijk op straat zou belanden, verwijzend naar het AIDA Country Report: France (update 2023).
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, aangezien eiser onvoldoende concrete aanwijzingen heeft geleverd dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt. Ook het betoog dat zijn aanvraag mogelijk als opvolgende aanvraag wordt gezien en hij daardoor geen opvang krijgt, werd verworpen. De minister hoefde de aanvraag niet onverplicht aan zich te trekken op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening, omdat geen bijzondere omstandigheden waren aangetoond.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waardoor het besluit van de minister in stand blijft en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.