ECLI:NL:RBDHA:2025:9952
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring in vreemdelingenrecht
De minister van Asiel en Migratie legde op 14 maart 2025 een maatregel van bewaring op aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel. De rechtbank had de rechtmatigheid van de maatregel reeds op 1 april 2025 getoetst en beoordeelt nu alleen de periode daarna.
Eiser voerde aan dat er geen zicht op uitzetting naar Ghana zou zijn en dat de minister onvoldoende voortvarend zou hebben gehandeld. De rechtbank oordeelt dat er geen aanwijzingen zijn dat het zicht op uitzetting ontbreekt, mede gelet op de lopende laissez-passer aanvraag en de presentatie van eiser aan de Ghanese autoriteiten. Ook is gebleken dat de minister meerdere vertrekgesprekken voerde en rappelleerde, wat voldoende voortvarendheid toont.
De rechtbank ziet geen reden om de rechtmatigheid van de maatregel te betwijfelen en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen en is er geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en de maatregel blijft van kracht.