Uitspraak
1.De kern van de zaak
2.De procedure
3.De feiten
Wat moet beter?
4.Het geschil
5.De beoordeling
wegens arbeidsongeschiktheid, zoals artikel 14.1. lid 8 CAO VO vereist. [partij A] stelt weliswaar dat hij pas vanaf januari 2023 benutbare mogelijkheden had, maar hij heeft verder niet toegelicht waarom hij (eerder) geen vakantie kon genieten. In dit geval komt de kantonrechter echter niet tot het oordeel dat de vakantie-uren daardoor zijn komen te vervallen. Op grond van jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie moet de werkgever de werknemer immers op nauwkeurige wijze en tijdig informeren over zijn vakantierechten, zodat de werknemer daar nog gebruik van kan maken. [2] Gesteld noch gebleken is dat SWV VO [partij A] in de gelegenheid heeft gesteld de vakantie-uren alsnog op te nemen, dan wel heeft gewezen op de gevolgen van het niet-opnemen hiervan. Om die reden zijn de vakantie-uren van [partij A] niet vervallen. Dat verweer wordt dus verworpen.
in het verzoekte compenseren, omdat beide partijen over en weer in het (on)gelijk zijn gesteld. SWV VO maakt in het tegenverzoek aanspraak op vergoeding van de daadwerkelijk door haar gemaakte proceskosten. De kantonrechter zal dat verzoek afwijzen, nu geen sprake is van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door [partij A] . Vanwege de samenhang tussen het verweer in het verzoek en het tegenverzoek, ziet de kantonrechter aanleiding om de proceskosten
in het tegenverzoekeveneens te compenseren.