ECLI:NL:RBDHA:2026:11591
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinprocedure
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister niet in behandeling is genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Eiser stelde dat het claimverzoek te laat was gedaan en dat hij vreest voor indirect réfoulement bij terugkeer naar Duitsland.
De rechtbank oordeelt dat het claimverzoek tijdig is ingediend binnen de vereiste termijn van twee maanden na de asielaanvraag. Daarnaast bestaat er geen ruimte voor de bestuursrechter om het risico op indirect réfoulement te toetsen binnen de Dublinprocedure, conform vaste jurisprudentie.
De rechtbank benadrukt dat Duitsland dezelfde Europese regels hanteert voor asielaanvragen als Nederland, waardoor eisers aanvraag daar aan dezelfde normen wordt getoetst. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.