ECLI:NL:RBDHA:2026:12256
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing EU-verblijfsvergunning langdurig ingezetene wegens motiveringsgebrek en schending hoorplicht
Eiser, van Indiase nationaliteit, diende een aanvraag in voor een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiser niet ononderbroken vijf jaar rechtmatig in Nederland zou hebben verbleven, met name vanwege een verblijfsgat tussen 28 juni en 18 juli 2022.
De rechtbank oordeelt dat eiser inderdaad niet aan de ononderbroken verblijfseis voldoet, maar constateert dat het bestreden besluit een motiveringsgebrek bevat omdat verweerder in de bezwaarprocedure geen belangenafweging maakte op grond van artikel 8 EVRM Pro. Tevens is de hoorplicht geschonden doordat eiser niet is gehoord over de belangenafweging.
Hoewel het besluit wordt vernietigd, laat de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat verweerder in beroep alsnog een belangenafweging heeft gemaakt en eiser zijn gronden heeft kunnen toelichten. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek en schending van de hoorplicht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.