ECLI:NL:RBDHA:2026:1234
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende toetsing artikel 8 EVRM
Eiser, een Ethiopische nationaliteit dragende man van gemengde etnische afkomst, diende op 23 augustus 2022 een asielaanvraag in Nederland in. De minister wees deze af op grond van artikel 31, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat de problemen die eiser ondervond niet ernstig genoeg werden geacht om te spreken van vervolging of een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid tot stand is gekomen, omdat verweerder niet heeft meegewogen de aanvullende zienswijze over de verslechterde veiligheidssituatie in Ethiopië. De rechtbank vernietigt het besluit daarom deels. De rechtbank volgt verweerder in de beoordeling dat de discriminatie en problemen van eiser niet de drempel van vervolging halen en dat er geen reëel risico op ernstige schade bestaat.
Wel slaagt het beroep op artikel 8 EVRM Pro, omdat verweerder ten onrechte geen ex-nunc toetsing heeft verricht van het familieleven van eiser met zijn dochter. De rechtbank draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen over dit aspect. De proceskosten worden aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens schending van het motiveringsbeginsel en onvoldoende ex-nunc toetsing van artikel 8 EVRM, met gedeeltelijke instandhouding van de overige rechtsgevolgen.