ECLI:NL:RBDHA:2026:12916
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende bewijs huwelijk en schending hoorplicht
Eiseres, een Eritrese vrouw, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar echtgenoot in Nederland te verblijven. Verweerder wees de aanvraag af omdat het huwelijk niet rechtsgeldig zou zijn aangetoond en er geen duurzame relatie zou bestaan. Tevens werd het inburgeringsvereiste niet als voldaan beschouwd. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte vasthield aan een verouderd ambtsbericht en onvoldoende rekening hield met het nieuwere ambtsbericht waarin religieuze huwelijken ook zonder registratie rechtsgeldig zijn.
Daarnaast concludeert de rechtbank dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar het gezinsleven en de belangenafweging onder artikel 8 EVRM Pro onvoldoende gemotiveerd is, mede doordat eiseres en referent niet zijn gehoord. De hoorplicht is geschonden. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De rechtbank wijst ook de proceskosten toe aan eiseres en vergoedt het griffierecht. De behandeling van het beroep wordt niet aangehouden in afwachting van prejudiciële vragen over het inburgeringsvereiste, omdat de hoorplichtschending en onvoldoende motivering reeds tot vernietiging leiden.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en schending van de hoorplicht.