ECLI:NL:RBDHA:2026:13195
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen niet tijdig besluit gezinshereniging met oplegging dwangsom
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van gezinshereniging. De rechtbank had eerder een termijn gesteld waarbinnen de minister een besluit moest nemen, maar deze heeft nog steeds niet besloten.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk en gegrond is, omdat de minister zich niet aan de gestelde beslistermijn heeft gehouden. De minister voert het fifo-principe aan en verzoekt om uitstel, maar de rechtbank wijst dit af en stelt een nieuwe termijn van twee weken.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 200 per dag op met een maximum van € 15.000 om de minister te bewegen tot tijdig besluit. De rechtbank veroordeelt de minister ook tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De bestuurlijke dwangsom uit de eerdere uitspraak blijft van kracht.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen twee weken een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom.