Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
ons besluit om de arbeidsovereenkomst te beëindigen”, “
Jouw arbeidsovereenkomst mogen we tussentijds beëindigen.” en “
We begrijpen dat je het niet een bent met deze keuze, maar dit verandert niets aan het genomen besluit.”. Hieruit maakt de kantonrechter op dat het de werkgever is die de keuze heeft gemaakt om niet verder te gaan met de werknemer en gebruik wil maken van de opzegmogelijkheid die de arbeidsovereenkomst biedt. Die opzegmogelijkheid moet echter wel gepaard gaan met een toestemming van het UWV. Nu die toestemming er niet is en ook werknemer niet heeft ingestemd, is het gegeven ontslag niet rechtsgeldig gegeven. Dat werknemer niet eerder heeft geprotesteerd dan in januari 2026 leidt niet tot een beëindigingsovereenkomst waarbij werknemer met het einde van de arbeidsovereenkomst heeft ingestemd.