ECLI:NL:RBDHA:2026:1373
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan wekeneis bij noodgedwongen verblijf in buitenland
Eiseres werkte als uitzendkracht en vertrok voor familiebezoek naar Sierra Leone, waar zij door verlies van haar vreemdelingendocument noodgedwongen langer verbleef. Haar dienstverband was bij terugkeer beëindigd. Zij vroeg een WW-uitkering aan, maar verweerder wees deze af omdat zij niet voldeed aan de wekeneis van 26 gewerkte weken in de referteperiode van 36 weken.
Eiseres stelde dat haar verblijf in het buitenland gelijkgesteld moest worden met onbetaald verlof, waardoor de referteperiode zou moeten worden verlengd en zij wel aan de wekeneis zou voldoen. De rechtbank oordeelde dat onbetaald verlof alleen geldt indien dit tussen werkgever en werknemer is overeengekomen, wat hier niet het geval was.
De rechtbank bevestigde dat het noodgedwongen verblijf niet als onbetaald verlof kan worden aangemerkt en dat eiseres daarom niet aan de wekeneis voldoet. Het beroep werd ongegrond verklaard. Daarnaast werd de Staat veroordeeld tot een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn en tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat het noodgedwongen verblijf in het buitenland niet als onbetaald verlof geldt, waardoor eiseres niet aan de wekeneis voldoet en geen WW-uitkering ontvangt.