ECLI:NL:RBDHA:2026:16083
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na intrekking terugkeerbesluiten tijdelijke bescherming
Eiser, een derdelander uit Marokko met tijdelijke bescherming in Nederland op grond van de Richtlijn tijdelijke bescherming, maakte bezwaar tegen de beëindiging van deze bescherming en meerdere terugkeerbesluiten van de minister.
De minister had het eerste terugkeerbesluit van 24 augustus 2023 ingetrokken na een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die bepaalde dat het recht op tijdelijke bescherming van rechtswege pas op 4 maart 2024 zou eindigen. Vervolgens werd een nieuw terugkeerbesluit genomen op 7 februari 2024, dat eveneens werd ingetrokken nadat eiser een nieuwe gecombineerde verblijfs- en arbeidsvergunning had aangevraagd.
De rechtbank oordeelt dat door de intrekking van de terugkeerbesluiten en het feit dat eiser in Nederland mag blijven gedurende de aanvraagprocedure, het beroep tegen deze besluiten niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van procesbelang. Eiser kan met het beroep geen ander resultaat bereiken dan wat al is bereikt. De rechtbank wijst het beroep af zonder inhoudelijke beoordeling en kent geen proceskostenvergoeding toe.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de tijdelijke bescherming en de terugkeerbesluiten wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.