ECLI:NL:RBDHA:2026:16087
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek met onbekende bestemming in asielprocedure
Eisers, allen van Nigeriaanse nationaliteit, hadden een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister van Asiel en Migratie nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Duitsland verantwoordelijk werd geacht voor de aanvraag. Eisers gingen in beroep tegen dit besluit.
De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en ambtshalve onderzocht of eisers nog procesbelang hadden. De minister meldde dat eisers met onbekende bestemming waren vertrokken. De gemachtigde van eisers gaf aan al geruime tijd geen contact meer te hebben met hen.
Op grond van vaste rechtspraak oordeelde de rechtbank dat eisers geen actueel en reëel belang meer hadden bij de procedure, omdat zij geen prijs meer stelden op de bescherming in Nederland en zich niet meer hadden gemeld bij het COA. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelde zij het besluit niet inhoudelijk. Eisers kregen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na vertrek met onbekende bestemming.