ECLI:NL:RBDHA:2026:16090
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek met onbekende bestemming bij asielaanvraag
De rechtbank Den Haag heeft het beroep van eiser tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, beoordeeld. De minister had het verzoek afgewezen omdat Spanje verantwoordelijk was voor de aanvraag. De rechtbank besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten.
De kern van de beoordeling betrof het procesbelang van eiser, die op 7 april 2026 met onbekende bestemming was vertrokken. De gemachtigde van eiser had geen contact meer met hem en wist zijn verblijfplaats niet. Volgens vaste rechtspraak heeft een vreemdeling die met onbekende bestemming vertrekt alleen procesbelang als er recente contactgegevens zijn die anders doen vermoeden.
Gezien het ontbreken van contact en het niet melden bij het COA, concludeerde de rechtbank dat eiser geen actueel en reëel belang meer heeft bij de procedure. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelde zij het besluit niet inhoudelijk. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen procesbelang meer heeft.