Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 12 juni 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling, gelet op een eerdere asielaanvraag van eiser in Frankrijk op 29 september 2022. Dit besluit werd genomen op basis van artikel 18 van Pro de Dublinverordening, waarbij Frankrijk het verzoek tot terugname heeft geaccepteerd.
Eiser voerde aan dat toepassing van artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening had moeten plaatsvinden vanwege zijn persoonlijke situatie: hij onderhoudt regelmatig contact met zijn echtgenote en vier minderjarige kinderen die in Nederland asiel hebben aangevraagd. Hij stelde dat overdracht aan Frankrijk het contact feitelijk onmogelijk maakt en dat er sprake is van bijzondere hardheid.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake is van een afhankelijkheidsrelatie zoals bedoeld in artikel 16 van Pro de Dublinverordening, omdat eiser geen objectieve bewijsstukken overlegde en de omstandigheden zoals zwangerschap, ernstige ziekte of handicap ontbreken. Verweerder heeft de belangen van de minderjarige kinderen voldoende betrokken, rekening houdend met het feit dat eiser gescheiden leeft van zijn kinderen en de moeder de dagelijkse zorg draagt. Ook is geen medische of psychologische problematiek vastgesteld.
Verder is geoordeeld dat het contact tussen eiser en zijn kinderen na overdracht aan Frankrijk kan worden voortgezet en dat praktische gevolgen voor de frequentie van contact onvoldoende zijn om toepassing van artikel 17 te Pro rechtvaardigen. Artikel 8 EVRM Pro speelt geen zelfstandige rol in deze Dublinprocedure. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en de asielaanvraag terecht niet in behandeling genomen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen vanwege verantwoordelijkheid van Frankrijk volgens de Dublinverordening.