ECLI:NL:RBDHA:2026:20602
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten tijdelijke bescherming en asiel buiten behandelingstelling wegens onvoldoende toetsing
Eiseres, met de Russische nationaliteit, verzocht om tijdelijke bescherming op grond van de EU-Richtlijn 2001/55/EG, mede vanwege haar relatie met een Oekraïense partner die tijdelijke bescherming geniet. De minister wees dit af, stellende dat eiseres niet zelfstandig in aanmerking komt en dat de partner ten onrechte bescherming zou hebben gekregen. Tevens stelde de minister de asielaanvraag buiten behandeling wegens niet-formalisering en legde een terugkeerbesluit op.
De rechtbank oordeelt dat de minister niet heeft onderzocht of eiseres als duurzame partner van de beschermde Oekraïense partner recht op tijdelijke bescherming heeft. De minister mocht niet zonder meer aannemen dat de partner ten onrechte bescherming ontving, zeker omdat die bescherming nog niet was ingetrokken. Hierdoor is het primaire besluit en het besluit op bezwaar ondeugdelijk gemotiveerd en onzorgvuldig tot stand gekomen.
Daarnaast vernietigt de rechtbank het besluit tot buiten behandelingstelling van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit, omdat de minister onvoldoende heeft onderzocht of uitvoering van het terugkeerbesluit het non-refoulementbeginsel schendt. Eiseres bracht voldoende risico's naar voren, en de minister heeft dit niet gemotiveerd weerlegd.
De rechtbank draagt de minister op een nieuw besluit te nemen, waarbij rekening wordt gehouden met de relatie van eiseres en de bescherming van haar partner, en met de mogelijke schending van het non-refoulementbeginsel. Tevens veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten van de minister en draagt op tot hernieuwde besluitvorming met inachtneming van de uitspraak.