ECLI:NL:RBDHA:2026:3085
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen ingangsdatum verblijfsvergunning kennismigrant
Eiseres, een Kameroense kennismigrant, was eerder in het bezit van een verblijfsvergunning die op 1 april 2024 afliep. Na het aangaan van een dienstverband bij SoluForce B.V. bleek deze werkgever niet erkend als referent, waardoor een nieuwe aanvraag werd ingediend via Randstad Payroll Solutions met een ingangsdatum van 1 juni 2024. Verweerder stelde deze datum vast omdat eiseres pas toen aan de voorwaarden voldeed.
Eiseres voerde aan dat zij tijdig een nieuwe baan had gevonden, erop mocht vertrouwen dat haar werkgever de aanvraag correct zou indienen en dat de gevolgen van het verblijfsgat onevenredig zijn. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de vergunning verleende met ingang van 1 juni 2024, omdat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij eerder aan de voorwaarden voldeed.
De rechtbank benadrukte dat eiseres zelf verantwoordelijk is voor het voldoen aan de voorwaarden en dat het ontstaan van het verblijfsgat niet onevenredig is in verhouding tot de wettelijke doelen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de ingangsdatum van de verblijfsvergunning is ongegrond verklaard en de ingangsdatum 1 juni 2024 bevestigd.