ECLI:NL:RVS:2017:3294
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake intrekking verblijfsvergunningen kennismigrant en gezinsleden
De staatssecretaris heeft de verblijfsvergunningen van een kennismigrant en diens gezinsleden ingetrokken omdat de kennismigrant tijdelijk werkte voor een niet-erkend referent, wat in strijd was met de voorwaarden van de verblijfsvergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen gegrond en vernietigde het intrekkingsbesluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep tijdig was ingediend, ondanks een discussie over de verzending van de uitspraak van de rechtbank. Vervolgens werd overwogen dat het evenredigheidsbeginsel niet was geschonden, omdat de intrekking noodzakelijk was om het referentenstelsel te waarborgen en dat de kennismigrant op de hoogte was van de wijziging van werkgever.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdelingen ongegrond. De vreemdelingen konden hun verblijf voortzetten met geldige vergunningen, en de nadelige gevolgen van de intrekking werden niet als onevenredig beschouwd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdelingen ongegrond.