Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Ghanese vreemdeling, is sinds 30 juli 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep beoordeeld aan de hand van de voortgang van de uitzettingsprocedure en de belangenafweging.
De rechtbank constateert dat verweerder voldoende voortvarend werkt aan de uitzetting, ondanks dat het overgelegde inlichtingenformulier van 2 december 2025 niet actueel is. Eiser weigert mee te werken aan zijn uitzetting en heeft aangegeven niet in gesprek te willen met de Dienst Terugkeer en Vertrek. Er is geen sprake van verzwaarde belangenafweging, aangezien eiser nog geen zes maanden in bewaring zit en geen bijzondere omstandigheden zijn gebleken die een andere belangenafweging rechtvaardigen.
De rechtbank concludeert dat het voortduren van de maatregel van bewaring rechtmatig is en wijst het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.