Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de minister op haar aanvraag van 31 oktober 2024 voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging nareis asiel. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van 90 dagen, met mogelijke verlenging van drie maanden, is overschreden en dat eiseres de minister rechtsgeldig in gebreke heeft gesteld.
De minister heeft een verweerschrift ingediend waarin hij het FIFO-principe toelicht en aangeeft de aanvraag naar verwachting in november 2027 te behandelen, wat onduidelijkheid schept over de beslistermijn. De rechtbank legt daarom een nadere beslistermijn van acht weken op, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Daarnaast wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd met een maximum van € 15.000 bij overschrijding van deze termijn. De rechtbank veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van € 467 en het griffierecht van € 200. Het beroep wordt gegrond verklaard, waarmee eiseres in het gelijk wordt gesteld.