ECLI:NL:RBDHA:2026:5513
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens ondeugdelijke motivering over willekeurig geweld in Syrië
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die door verweerder werd afgewezen wegens het ontbreken van een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer naar Syrië. Verweerder baseerde zich op de stelling dat in Syrië sprake is van de laagste gradatie van willekeurig geweld, met name in de provincie Damascus, en verwees naar het EUAA-rapport en andere bronnen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd waarom deze laagste gradatie van willekeurig geweld van toepassing is, mede omdat verweerder de humanitaire omstandigheden die direct of indirect het gevolg zijn van een gewapend conflict niet heeft betrokken in zijn beoordeling. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 11 december 2025 waarin dit motiveringsgebrek ook werd vastgesteld.
Verweerder's argument dat die eerdere uitspraak alleen betrekking heeft op Homs en niet op Damascus wordt verworpen. Ook de verwijzing naar het EUAA-rapport dat Damascus als relatief stabiel gebied beschouwt, is onvoldoende gemotiveerd om af te wijken van de eerdere jurisprudentie.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser. De rechtbank ziet geen aanleiding om de overige beroepsgronden te beoordelen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ondeugdelijke motivering en draagt op tot hernieuwde beoordeling binnen zes weken.