ECLI:NL:RBDHA:2026:5516
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens ondeugdelijke motivering over willekeurig geweld in Syrië
Eiser, een Syrische asielzoeker afkomstig uit ruraal Damascus, diende een asielaanvraag in die door verweerder werd afgewezen. De rechtbank beoordeelt het beroep tegen deze afwijzing en concludeert dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd waarom de laagste gradatie van willekeurig geweld, zoals bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn, van toepassing is op Syrië.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 11 december 2025 waarin werd geoordeeld dat ook humanitaire omstandigheden, direct of indirect veroorzaakt door een actor in een gewapend conflict, moeten worden betrokken bij de beoordeling. Verweerder had deze omstandigheden niet adequaat meegenomen, waardoor sprake is van een motiveringsgebrek.
Verweerder stelde dat de situatie in Damascus stabieler is en dat de uitspraak van 11 december 2025 alleen op Homs van toepassing is, maar de rechtbank volgt dit niet. Ook de verwijzing naar het EUAA-rapport van december 2025 en gegevens van UNHCR overtuigen niet zonder nadere motivering.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ondeugdelijke motivering en draagt op tot hernieuwde beoordeling binnen zes weken.