Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank had eerder al een termijn gesteld waarbinnen verweerder moest beslissen, maar dit is niet nagekomen. Daarom verklaart de rechtbank het beroep opnieuw gegrond en vernietigt het niet tijdig genomen besluit.
De rechtbank stelt een nieuwe termijn van twee weken na verzending van deze uitspraak waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen. Bij overschrijding van deze termijn verbeurt verweerder een dwangsom van € 200 per dag met een maximum van € 15.000. Tevens worden proceskosten aan eiser toegekend.
De rechtbank overweegt dat de verlenging van de beslistermijn met negen maanden onvoldoende is gemotiveerd en dat de wettelijke beslistermijn zes maanden bedraagt. Ook wordt ingegaan op de toepasselijkheid van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND en het Unierecht. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie.