Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiseres] ,
de minister van Asiel en Migratie, hierna te noemen: de minister
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Achtergrond
27 oktober 2025 Nederland ingereisd. Zij heeft op 31 oktober 2025 haar asielaanvraag in Nederland ingediend.
25 september 2025 tot en met 24 december 2025. Volgens de minister kan ten aanzien van Duitsland uitgegaan worden van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Dat eiseres naar voren heeft gebracht dat de personen met wie zij problemen heeft in Mongolië haar in Duitsland kunnen vinden, omdat zij is gereisd met een Duits visum, doet hier volgens de minister niet aan af. Dat eiseres suikerziekte heeft en dat het mentaal niet goed met haar gaat, maakt volgens de minister ook niet dat Nederland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag. Eiseres heeft deze problemen namelijk niet onderbouwd met documenten die zijn opgesteld door een arts en waaruit blijkt dat alleen Nederland eiseres kan behandelen. Haar beroep op het C.K.-arrest. [3] slaagt volgens de minister niet. De minister ziet zich ook niet gehouden om de asielaanvraag zelf te behandelen op grond van artikel 17, eerste lid van de Dublinverordening.
op zichzelf niet genoeg’ zijn voor toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening, heeft de minister op zitting verduidelijkt. Op zitting is aangegeven dat beide omstandigheden, zowel de vrees voor de Mongoolse functionarissen als de gezondheidssituatie van eiseres, samen betrokken zijn bij de beoordeling of sprake is van omstandigheden die maken dat sprake is van onevenredige hardheid bij een overdracht aan Duitsland. De minister heeft hier ook bij betrokken dat eiseres niet heeft onderbouwd dat Duitsland haar niet met deze problemen kan helpen. De beroepsgrond slaagt niet.