Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 467 (vierhonderdzevenenzestig euro).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van gezinshereniging voor haar ouders, drie zussen en een broer. De aanvraag werd ingediend op 12 juni 2024, waarna verweerder de beslistermijn verlengde met drie maanden, waardoor uiterlijk 10 december 2024 een besluit had moeten worden genomen. Deze termijn is verstreken zonder besluit.
Verweerder hanteert sinds januari 2024 het fifo-principe voor de behandeling van nareisaanvragen, waardoor de aanvraag van eiseres naar verwachting pas in maart 2027 in behandeling wordt genomen. De rechtbank acht dit een bijzonder geval en legt op grond van artikel 8:55d Awb een nadere beslistermijn op van acht weken na verzending van deze uitspraak, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
De rechtbank bepaalt een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000, en wijst het griffierecht en proceskosten toe aan eiseres. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn een besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.