Eiseres exploiteert samen met anderen een camping op een perceel met de bestemming Agrarisch - Bollenteelt - Bollenzone 1, waar maximaal vijftien kampeermiddelen zijn toegestaan van 15 maart tot en met 31 oktober. Op 2 augustus 2024 constateerde een toezichthouder van de Omgevingsdienst West-Holland dat er 32 kampeermiddelen aanwezig waren, wat leidde tot een last onder dwangsom van € 20.000,- opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk.
Eiseres betwistte het aantal kampeermiddelen en stelde dat er slechts zestien waren, onderbouwd met een eigen telling en een plattegrond. De rechtbank oordeelt echter dat het feit van overschrijding vaststaat, ongeacht het precieze aantal, en dat het college bevoegd was om handhavend op te treden. De waarneming van de toezichthouder op het terrein is bepalend, niet alleen de foto's.
Verder is de hoogte van de dwangsom in verhouding tot de ernst van de overtreding, mede omdat het niet de eerste overtreding betrof. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het college in vergelijkbare gevallen ongelijk heeft gehandeld. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, handhaaft het besluit en wijst de proceskosten en griffierecht af.