Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) € 200 per dag met een maximum van € 15.000.
( ) Nee
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn, inclusief een eerder door de rechtbank gestelde nadere termijn, is overschreden. De ingebrekestelling is correct en het beroep is tijdig ingesteld.
De rechtbank stelt vast dat de uiterste termijn van 21 maanden, zoals genoemd in artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn, is overschreden op 19 september 2025. Daarom draagt de rechtbank de minister op om zo snel mogelijk, maar uiterlijk binnen twee weken na verzending van deze uitspraak, een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een rechterlijke dwangsom op van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 voor elke dag dat de minister de termijn overschrijdt. De proceskosten van eiser worden vastgesteld op € 467. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en verklaart het beroep gegrond.
In de bijlage licht de rechtbank toe dat de wettelijke beslistermijn zes maanden bedraagt en dat de verlenging met negen maanden onvoldoende is gemotiveerd. De rechtbank benadrukt dat bij overschrijding van de termijn een rechterlijke dwangsom kan worden opgelegd en dat dit niet in strijd is met het Unierecht. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen twee weken alsnog te beslissen onder oplegging van een dwangsom.