Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van datum in de zaak tussen
[eiser], v-nummer: [nummer 1],
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
20 oktober 2025 op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.
Beoordeling door de rechtbank
4 september 2025 nog e-mailcontact met eisers heeft gehad, kan volgens de minister niet worden opgemaakt dat eisers nog procesbelang hebben, nu dit contact zeer kort na het vertrek van eisers naar Zwitserland heeft plaatsgevonden. Daarnaast is niet gebleken waaruit het e-mailcontact tussen eisers en zijn gemachtigde op 4 september 2025 heeft bestaan. Het contact dat op 4 september 2025 plaatsvond, is bovendien het enige contact geweest dat er sindsdien tussen eisers en hun gemachtigde heeft plaatsgevonden. De gemachtigde van eisers heeft op verzoek van de minister nogmaals geprobeerd contact te krijgen met eisers, maar heeft de minister op 20 oktober 2025 laten weten dat dit niet is gelukt. De minister wijst verder op een uitspraak van deze zittingsplaats [2] , waaruit volgt dat het verblijf van een vreemdeling in het buitenland een concreet aanknopingspunt is dat hij geen prijs meer stelt op verblijf in Nederland en dat het feit dat hij nog contact onderhoudt met zijn gemachtigde daaraan niets afdoet.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.J. de Lange, griffier.