ECLI:NL:RBDHA:2026:9103
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige identiteit en herkomst
Eiser diende in 2019 een eerste asielaanvraag in die niet in behandeling werd genomen omdat Spanje verantwoordelijk was. In 2023 volgde een herhaalde aanvraag die de minister in juni 2025 afwees als kennelijk ongegrond. De rechtbank had eerder geoordeeld dat de minister een nieuwe beslissing moest nemen. Eiser stelt dat zijn identiteit en herkomst niet correct zijn beoordeeld, mede vanwege psychische beperkingen tijdens het aanmeldgehoor.
De rechtbank overweegt dat het aan eiser is om zijn identiteit en herkomst aannemelijk te maken. De minister heeft gemotiveerd dat eiser onvoldoende documenten en samenhangende verklaringen heeft overgelegd. Het herkomstonderzoek is uitgevoerd met inachtneming van het referentiekader van eiser, waaronder zijn beperkte scholing en psychische toestand. De minister concludeerde dat eiser onvoldoende kennis heeft van zijn vermeende leefomgeving en dat het overgelegde identiteitsdocument waarschijnlijk niet authentiek is.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht de aanvraag als kennelijk ongegrond heeft afgewezen, omdat de verklaringen van eiser onwaarschijnlijk en tegenstrijdig zijn met geverifieerde informatie. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de proceskosten toe aan de minister.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de afwijzing blijft in stand.