Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlasteleggingen
3.De bewijsbeslissing
hij op 29 november 2024 te 's-Gravenhage, tezamen en in vereniging met anderen,
met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en
door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 1] heeft bewogen tot de afgifte van bankpassen en een kistje met sieraden,
mede te delenuit voorzorg de bankpassen en de sieraden veilig te willen stellen en vervolgens die
bankpassen en sieraden op te halen bij de woning van die [aangever 1] ;
hij op 29 november 2024 te ’s-Gravenhage een bedrag van 500 euro, dat geheel aan [aangever 1]
[aangever 1] toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich dat weg te nemen geldbedrag onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, door te pinnen met de bankpas en pincode van die [aangever 1] tot welk gebruik verdachte niet gerechtigd was;
hij op 28 maart 2025 te 's-Gravenhage en Rijswijk tezamen en in vereniging met anderen,
opzettelijk [aangever 2] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en beroofd gehouden,
door
- (terwijl die [aangever 2] om hulp en “Nee dit wil ik niet!” en "laat me met rust"
schreeuwt) met kracht die [aangever 2] een bestelbus bus in te duwen en trekken en
voorkomen dat hij weg kan komen,
- die [aangever 2] in de laadruimte van de bus te plaatsen en die [aangever 2] daar in bedwang te
houden,
- de polsen van die [aangever 2] te boeien met ductape,
- die [aangever 2] (met de vuisten) een of meer klappen tegen het hoofd en/of het lichaam te
geven,
- met een pistool tegen het hoofd van die [aangever 2] te slaan,
- die [aangever 2] te mishandelen,
- die [aangever 2] te dwingen mee te rijden, en
- die [aangever 2] mee te nemen naar een parkeerplek in Rijswijk;
hij op 28 maart 2025 te 's-Gravenhage en/of Rijswijk tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en bedreiging met geweld [aangever 2] heeft gedwongen tot de afgifte van een telefoon en de toegangscode van deze telefoon, die aan die [aangever 2] toebehoorden door
- een pistool door te laden en dit wapen op die [aangever 2] te richten,
- met een pistool tegen het hoofd van die [aangever 2] te slaan en
- die [aangever 2] (met de vuisten) meerdere klappen tegen het hoofd en het lichaam te geven;
hij op 28 maart 2025 te ’s-Gravenhage tezamen en in vereniging met anderen, een wapen van categorie III, onder 4 van de Wet wapens en munitie, te weten een, alarmpistool (merk: BBM type Mod92 8 mm) en bijbehorende knalmunitie voorhanden heeft gehad.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De op te leggen straf
7.De vorderingen van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
8.De inbeslaggenomen voorwerpen
9.De toepasselijke wetsartikelen
- 33, 33a, 36f, 47, 77a, 77g, 77i, 77x, 77y, 77z, 77gg, 282, 311, 312, 317 en 326 van het Wetboek van Strafrecht;
- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.
10.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
150 DAGEN;
(de rechtbank gaat uit van 74 dagen), bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van deze jeugddetentie geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;
76 DAGEN,niet ten uitvoer zal worden gelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
twee jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;