ECLI:NL:RBDHA:2026:9623
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag Jezidi wegens onvoldoende motivering verblijfplaats en risico
Eiser, een Jezidi uit Irak, diende een asielaanvraag in die door de minister werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De minister achtte de vlucht voor ISIS en de problemen vanwege het Jezidi-geloof geloofwaardig, maar verwierp het motief van desertie uit militaire dienst wegens onvoldoende bewijs en tegenstrijdige verklaringen.
Eiser voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder schending van het EVRM en de Awb door korte termijnen, onredelijkheid van het beleid en onterecht ongeloofwaardig achten van het desertiemotief. De rechtbank verwierp deze gronden, behalve de motivering omtrent de normale woon- of verblijfplaats in het vluchtelingenkamp Duhok/KAR.
De rechtbank constateerde dat de minister onvoldoende had onderzocht en gemotiveerd waarom de ontheemdenkampen als normale verblijfplaats konden gelden, terwijl recente ambtsberichten wezen op verslechterde omstandigheden. Hierdoor is onvoldoende gemotiveerd dat eiser bij terugkeer geen reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg de minister op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werden proceskosten aan eiser toegekend.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvraag en draagt de minister op een nieuw besluit te nemen.