Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.[eisers sub 1] te [woonplaats] ,2. [eisers sub 2] te [woonplaats] ,
1.[gedaagden sub 1] te [woonplaats] ,2. [gedaagden sub 2] te [woonplaats] ,
1.De procedure
- het tussenvonnis van 21 januari 2026;
- de akte uitlaten van de zijde van [eisers sub 1] en [eisers sub 2] , met producties 17, 18 en 19;
- de akte uitlating tevens overleggen productie van de zijde van [gedaagden sub 1] en [gedaagden sub 2] , met productie 1.
2.Overwegingen
zeker gezien de huidige marktomstandighedengeen waardestijging ten opzichte van de in 2007 betaalde koopprijs ziet. Het is dan ook goed mogelijk dat de woning ten tijde van de verklaring van de makelaar, oktober 2012, in absolute termen niet meer waard was dan ten tijde van de aankoop (in 2007, nog voor de vastgoedcrisis), maar dat staat er niet aan in de weg dat de woning door de nieuwe fundering als zodanig een hogere waarde heeft dan met de oude fundering en dat daardoor de vermogenstoestand van [eiser 1] is verbeterd.
productie 5);
productie 6);
productie 7);
productie 8);
productie 9);’
- dagvaarding € 137,47
- kosten beslag € 443,24
- griffierecht € 1.325,00
- kosten C. Vervaet-van Horssen € 1.579,50
- salaris advocaat € 9.229,50 (4,5 x € 2.051,00, tarief V)
- nakosten € 148,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
- salaris advocaat € 1.306,00 (2 x € 653,00, tarief II)
- nakosten € 148,00